Help me dan toch
Als ik medicijnen aan het uitdelen ben op de vroege ochtend, dan hoor ik hem al schreeuwen: help me dan toch! Help me dan toch ! Ach de arme man, bedacht ik me nog. De wereld gaat veel te snel voor hem.
Als ik bij hem kom met zijn medicijnen, dan leg ik die rustig op zijn tafel in de woonkamer. Vanuit zijn bed in de slaapkamer heeft hij mij al gezien. ‘Kom eens even, kom eens even. Help me dan toch’. Ondanks dat ik medicatie aan het delen ben, besluit ik toch even naar de man toe te lopen. Ik ga op de rand van zijn bed zitten en pak even zijn hand vast. Pas dan komt hij even bij en is er minder paniek.
‘Kom jij mij helpen?’ Nee, beste man, ik kom je niet helpen. Mijn collega komt u zo uit bed halen. ‘Ja maar, help me dan toch!’, klinkt het weer door de kamer. Ik leg hem nogmaals uit dat ik medicatie kwam geven en dat mijn collega zo komt om hem te helpen met zijn ochtendzorg. ‘Het is nog geen 8.00 uur beste man en uw agenda is helemaal leeg’.
Ik sta op en ga verder met mijn ronde. Ik weet dat mijn collega over ongeveer 15 minuten bij hem zal zijn. Nog voordat ik zijn tweekamerappartement kan verlaten, hoor ik hem alweer roepen. ‘Ga nou niet weg, kom nou even. Help me dan toch’.
De beste man woont nu ongeveer twee jaar in ons verpleeghuis. In de aanvraag van zijn zorgzwaartepakket (ZZP) en in de verpleegkundige overdracht stonden de inmiddels overbekende woorden ‘cognitie passend bij leeftijd‘. Het zijn de meest subjectieve woorden in elke overdracht van mensen die in een verpleeghuis komen wonen. Wat is passend? Wie bepaald wat passend is op een bepaalde leeftijd?
Iedereen begrijpt dat ouderdom ook het denkvermogen aantast. De zogenaamde vergeetachtigheid. Verminderde cognitie bij ouderen uit zich vaak problemen met het geheugen, de concentratie, het taalgebruik of het vermogen om overzicht te houden.
Deze man is afgelopen zomer 100 jaar oud geworden en in de afgelopen twee jaar hebben we al kunnen aantonen middels een NPO dat de cognitie van deze man meer passend is bij een ZZP 5 en dat de ZZP 6 die was afgegeven eigenlijk niet toereikend was toen hij hier kwam wonen. We kunnen er allemaal wat van vinden hoe dat komt maar daar heeft deze beste man op dit moment helemaal niks aan. Zo’n zorgzwaartepakket aanvraag gebeurt op een moment en geen enkel moment is bij een persoon hetzelfde.
Er is dan ook geen sprake van een bewust verkeerde beoordeling. Wel staat vast dat zijn geestelijke gesteldheid in de afgelopen jaar wel steeds minder is geworden. Op een gegeven moment ga je je afvragen als zorginstelling en als familie of ons verpleeghuis nog wel de zorg kan leveren die deze beste man nodig heeft. Ouderdomsdementie heeft simpelweg een specifieke aanpak nodig.
En daar zit vaak het dilemma! Stel dat je voor dat je er met alle partijen tijdens een MDO (Multidisciplinair overleg) en/of familiegesprek over eens bent dat de zorg niet meer passend is. Stel je voor dat meneer in een ander verpleeghuis met een specialisme voor een andere doelgroep, wel de zorg geleverd kan worden die meneer nodig heeft. Wat doe je dan? Het is een lastige keuze voor alle partijen. De uitspraak ‘oude bomen moet je niet verplaatsen’ komt dan veel op tafel.
Als ik inmiddels met de medicatiekar een etage lager sta, hoor ik hem weer roepen. ‘Ben je er nog? Kom eens hier! Nee, zo moet het niet!’ Voor mij een teken dat mijn collega bij hem is en hem helpt bij zijn ochtendzorg. De beste man weet het simpelweg allemaal niet meer zo goed. De wereld gaat te snel voor hem. Structuur bieden en altijd iemand bij hem in de buurt zodat hij zich veilig voelt. Je gunt het de man zo enorm maar 1-op-1 zorgbegeleiding in een verpleeghuis is een utopie.
Als hij niet veel later in de gezamenlijke huiskamer zijn brood krijgt aangereikt van een collega ziet hij mij weer lopen. ‘Kom eens even, kom nou toch!’ Het is een terugkerend gebeuren. Hij denk dat deze oude man met rode schoenen de dokter is. Ik heb hem al eens uit proberen te leggen dat niet elke oude man in een zorgjas een dokter is. In ons verpleeghuis is het zelfs zo dat onze arts en de Verpleegkundig Specialist zelfs jonger zijn dan mijn oudste zoon. Dat kan ik hem wel vertellen maar dan snapt hij het helemaal niet meer. Het zou alleen maar extra stress met zich meebrengen.
Ik heb te doen met deze beste man. Ik zou hem zo graag willen helpen maar soms ben je gebonden aan de mogelijkheden die er zijn. Gaan we deze beste man nog op 100-jarige leeftijd verhuizen zoals deze dame. Kan hij het wel aan of gaat hij dan juist extra snel overlijden? Het is een dilemma.
Als hij in de middag tijdens een optreden van een zangeres driftig met zijn handen zwaait van plezier, kan ik een glimlach niet onderdrukken. Hij lacht nog eens extra als hij mij in de gaten heeft bij de deur opening. Ach, de arme man. Maar voorlopig heeft hij wel de 100 jaar aangetikt en dat moet ik nog maar zien te bewerkstelligen. Laat hem maar lekker bij ons zijn laatste tijd op aarde uitzitten. Je kan die man het toch niet aandoen om hem te verplaatsen naar een compleet ander verpleeghuis is een compleet andere omgeving? Het dilemma blijft. Zeker als ik weet hoe verbaal aanwezig hij kan zijn tijdens het warme avondeten in de gezamenlijke huiskamer.
Afbeelding ter illustratie en door AI gegenereerd

