Het moment dat eens moest komen
Je hoeft niet in de zorg te werken om te beseffen dat iemand die in een verpleeghuis terecht komt door zijn of haar eigen kwetsbaarheid, ook daar zal komen te overlijden. Zo realiseerde ik twee jaar geleden maar al te goed dat ik mijn vader binnen afzienbare tijd zou gaan verliezen toen duidelijk werd dat een terugkeer vanuit een revalidatie verpleeghuis naar huis niet meer mogelijk bleek. Afgelopen maand was daar opeens het moment dat eens moest komen.
Het moment zelf komt natuurlijk nooit goed uit en het liefst ontloop je het, maar zo zit het leven nu net niet in elkaar helaas. Dat geldt hetzelfde voor een zitting in een rechtbank maar helaas bracht het lot deze twee gebeurtenissen samen. Wachtend voor de rechtszaal, tijdens een laatste voorbespreking met mijn advocaat, ging de telefoon. De Verpleegkundig Specialist van het verpleeghuis van mijn vader aan de telefoon. Of ik maar even wilde beslissen of mijn vader ingestuurd moest worden voor een foto om een gebroken heup uit te kunnen sluiten.
Pff, dat is niet de meest eenvoudige beslissing die ik heb moeten nemen in mijn leven en zeker niet op dat moment. Na een kort overleg besloten we om de volgende dag samen even mijn vader te beoordelen en dan een beslissing te maken. Binnen een flits van een seconde ben je van zoon/mantelzorger opeens weer praktijkverpleegkundige in de ouderenzorg en visa versa.
Hoe nu verder?
De dagen daarna verliepen niet zoals we hadden gehoopt. De reguliere pijnstilling, incl. Oxycodon, hadden niet de juiste uitwerking. Het eten en drinken verliep steeds moeizamer en toen het slikken van de medicatie ook niet meer mogelijk bleek, zag ik de bui al hangen. Hoe ga ik dit brengen naar mijn moeder en naar mijn kinderen? Hoe ga ik dit trekken in de toch al zeer trieste situatie waarin ik op dat moment (en nog steeds) in verkeer?
De EVV’er van mijn vader belde me op voor een familiegesprek. Ergens in het dossier van mijn vader heeft waarschijnlijk gestaan dat ik, als eerste contactpersoon, ook in de zorg werkzaam ben, want ze klonk wat zenuwachtig. Het familiegesprek ook nog eens voeren samen met de Specialist Ouderengeneeskunde (SO), omdat de eigen arts op vakantie was, maakte haar ook niet erg gelukkig kreeg ik de indruk. ‘Nee zuster, ik heb er geen probleem mee dat de SO het gesprek zal leiden’. Het stelde haar niet gerust want de volgende dag hoorde ik haar angstvallig de SO bijpraten onderweg naar mijn vader en mij toe dat ‘hij zelfs praktijkverpleegkundige is bij een ander verpleeghuis van ons’. De SO was niet onder de indruk en stelde haar gerust met een glimlach.
Als familielid in je eigen zorgrol springen
De SO en ik werken namelijk in de praktijk al 2,5 jaar samen maar dat kon de lieve EVV’er niet weten. Samen hebben we al de nodige pittige familiegesprekken gevoerd met families in dezelfde situatie, maar nu zat ik aan de andere kant. Nu was ik de familie, de mantelzorger, de zoon van… Een zeer ongemakkelijk gevoel maar ons gesprek duurde wat dat betreft maar even. Op dat moment niet echt emotioneel maar eerder van alle kanten zakelijk. Even helder en realistisch nadenken vanuit mijn eigen rol als praktijkverpleegkundige. De situatie was immers helder: mijn eigen vader was aangekomen bij zijn laatste levensfase. Zijn strijd tegen Parkinson ging hij na een aantal jaar nu niet meer winnen, de strijd was gestreden. Er werd gestart met Morfine via de ‘vlindernaald‘. Vanaf nu alle zorg gericht op comfort en pijnbestrijding.
Het besef van het naderende levenseinde
Na nog geruime tijd samen met mijn vader te zijn geweest, besefte ik dat ik de nodige telefoontjes moest gaan maken. Net als al die andere familieleden in deze gesprekken die ik altijd zo goed als mogelijk tracht te ondersteunen na zo’n familiegesprek. De grond slaat onder je voeten vandaan, ook al zie je het op dat moment aankomen. De empathische broeder met de rode schoenen stond opeens alleen buiten met zijn ziel onder zijn arm. Geen arm om hem heen, geen bemoedigende woorden in zijn oor. Alleen met een telefoon in zijn hand om zijn moeder te moeten gaan vertellen dat haar man snel komt te overlijden na bijna 60 jaar een leven samen gehad te hebben.
Het heeft zo moeten zijn
Het moment dat eens moest komen was plotseling daar. Ik dacht opeens weer aan ons gesprek toen ik mijn ouders vertelde dat ik op 50 jarige leeftijd ging beginnen aan de opleiding verpleegkundige. ‘Goh, dat is best handig als wij ook nog eens oud gaan worden en wat gaan mankeren’. Tsja, dat heb ik de afgelopen jaren wel geweten! Alleen daarom zou ik al dankbaar moeten zijn dat ik in de ouderenzorg terecht ben gekomen en mijn ouders de afgelopen jaren zo heb kunnen ondersteunen in de wirwar van thuiszorg, revalidatietrajecten, het zoeken naar een geschikt verpleeghuis en dat soort zaken. HEt heeft zo moeten zijn denk ik.
Dezelfde avond kwamen al mijn vier kinderen afscheid nemen van hun opa. Mijn vader was op dat moment al niet echt meer aanspreekbaar. Voor mijzelf een belangrijk moment om juist samen afscheid te kunnen nemen. Voor mijn jongste zoon zat ik immers in de rechtszaal en was het op voorhand niet vanzelfsprekend dat hij afscheid kon komen nemen. Het was pas de tweede keer dit jaar dat hij en zijn opa elkaar konden zien. Een zeer trieste constatering na al die mooie jaren daarvoor. Zeker op dat moment.
Objectieve beoordeling vs emotie
Toen op vrijdagavond de pijn niet meer onder controle leek te zijn, werd ik als ‘het familielid dat in de zorg werkte enigszins onrustig’. Uiteraard met alle respect naar mijn zorgcollega’s toe, vroeg ik wel om een objectieve beoordeling en een goed gesprek. Ik was me er goed van bewust dat ik niet in staat was om de situatie objectief te beoordelen en liet dit graag over aan het avondhoofd van dienst. We zijn allen immers ook collega’s van elkaar en het avondhoofd van dienst was ook nog eens een oud-klasgenoot van mij.
Ik mag wel zeggen dat ze mij die avond, en de volgende avond, er doorheen heeft gesleept, samen met de gediplomeerde van de afdeling. Meer dan eens werd me vanuit het andere perspectief, nu als familielid, nog eens zo duidelijk hoe enorm belangrijk het is om in de stervensfase van een persoon ook zo goed om te kijken naar de direct aanwezige familie.
De laatste dagen en vooral avonden waren zwaar voor alle partijen. Mijn vader had zichtbaar veel motorische onrust en heftige pijnmomenten. Niet iedere zorgmedewerker heeft de kennis om dit goed te kunnen beoordelen maar eerder genoemde twee dames hebben gehandeld naar hun mogelijkheden en keken verder dan dat. Uiteindelijk overleed mijn vader een uur nadat ik was weggegaan. Het was toen net Vaderdag geworden. Toen ik weer in het verpleeghuis aankwam zag ik de dienstdoende nachtzuster en het nachthoofd mijn vader ‘opfrissen en goedleggen’. Het gaf me een geruststellend gevoel dat mijn vader zelfs na zijn dood in goede handen was.
De mooiste harten die deze wereld rijk is
Het moment dat eens moest komen was geweest bedacht ik me nog. Terugkijkend kon ik, los van de nodige emotie, wel concluderen dat, hoe moeilijk en zwaar het ook mag zijn, werken in de ouderenzorg zo enorm mooi en dankbaar is. Mensen met het hart op de juiste plek die de zorg overnemen voor hen, die dit zelf niet meer kunnen. Tot aan de dood maar zelfs ook dat laatste stukje na de dood. Zo enorm trots op al die zorgcollega’s in de ouderenzorg, die er elke dag weer staan voor ‘die paar rotcenten’ maar wel met de mooiste harten die deze wereld rijk is.

