Algemeen

Heb je even voor mij?

In de tweede week van dit jaar ben ik met een collega naar de uitvaart van een cliënt van ons gegaan. In een kleine bijeenkomst werd afscheid genomen door familie en buren. Het was raar te ervaren dat slechts één persoon wist wie wij waren. Zullen we eens vaker omkijken naar ouderen? Ook als ze net even buiten beeld raken? Of moeten ouderen wat vaker zingen ‘Heb je even voor mij?’

Ze stond er op dat we haar Ciska noemde maar dat gaat er nu eenmaal niet in bij mij. Een vrouw van over de 90 kan ik niet bij haar voornaam noemen. Pas na weken vonden we een compromis: het werd tante Ciska en geen ‘mevrouw [achternaam]’ meer. Ze kwam vanuit het ziekenhuis, na een val op straat, bij ons revalideren. Tijdens haar revalidatie werd zo ook nog eens tot 2x toe kort opgenomen in het ziekenhuis vanwege haar zwakke gezondheid. Op een gegeven moment werd een terugkeer naar huis ingeruild voor een wens om naar een verzorgingstehuis te gaan. Een eigen kamer, zelfstandigheid maar toch beperkte zorg voor haar. Een mooie oplossing voor deze opgewekte dame.

Kwaliteit van leven

Gezondheid is niet te koop en met een leeftijd van boven de 90 is revalidatie soms ook niet meer haalbaar. Haar zelfstandige kamer in het verzorgingstehuis werd uiteindelijk ook een stap te ver. Ze berustte in haar lot en was dankbaar dat ze in ons verpleeghuis kon blijven, ook al was het op een andere afdeling. Tante Ciska ging naar onze somatische afdeling waar ze nog met regelmaat even werd bezocht door mij en mijn directe collega’s. Soms kun je simpelweg geen afscheid nemen van een cliënt 🙂

Lees ook:  Kerst in het verzorgingshuis

Zoals eerder gezegd werd net voor de jaarwisseling de afdeling revalidatie gesloten en werkte ik enkele weken op verschillende afdelingen in het huis. Uiteraard ook met enige regelmaat op de afdeling van tante Ciska. Ze was inmiddels meer en meer verzwakt maar wist precies wie er bij haar aan bed kwam staan. Een grote grijns en een poging om een heel verhaal te vertellen. Echter de kwaliteit van leven werd minder en minder. Het moment kwam daar om over te gaan naar palliatieve zorg. Samen met een liefdevolle collega heb ik haar de laatste dagen van haar leven de noodzakelijke zorg mogen geven en ben ik extra veel bij haar geweest. Een dag later na mijn laatste zorg is ze rustig ingeslapen.

De uitvaart

In de kleine aula van crematorium Ockenburg was het goed bezet. Tante Ciska werd benoemd als een rustige vrouw die haar leven had gewijd aan haar man en het liefst gewoon thuis was. Geen behoefte aan vakantie of wat dan ook. Ze heeft nooit kinderen gekregen maar is altijd liefdevol omgegaan met de vele nichtjes en neefjes. Nadat haar man jaren geleden was overleden ging haar gezondheid langzaam achteruit door verdriet en eenzaamheid. De terugval van gezondheid in een tijdsbestek van ruim een jaar tijd in het verpleeghuis werd als erg snel ervaren door verschillende sprekers. Rustig gestemd, altijd opgewekt, spraakzaam en gezellig. Zo herkenden wij haar ook. Dat neuriën zit nog steeds in mijn hoofd als ze aan het rommelen was in haar kamer. Vaak de melodie ‘Heb je even voor mij?’ Een jaar in een verpleeghuis ervaren wij echter niet als een snelle achteruitgang. Dat dan weer niet maar misschien komt dat omdat we er zelf werken.

Lees ook:  Vandaag 4 jaar in dienst

Na afloop kwamen er heel voorzichtig enkele mensen op collega en mij aflopen. Mens was eigenlijk best nieuwsgierig wat de binding was met tante Ciska. Op het moment dat we bekend maakten dat we beide verpleegkundigen zijn die tante Ciska hebben verzorgd van opnamen tot aan haar dood, keek men verbaasd. Natuurlijk was men dankbaar voor alle zorg en vond men het fijn dat we aanwezig waren bij de uitvaart.

Geen tijd

Het bevreemde mij niet dat ik niet veel later allerlei opmerkingen en verontschuldigingen kreeg te horen waarom betreffende persoon niet of niet vaak op bezoek kwam bij tante Ciska. Van alle aanwezige mensen herkende ik slechts één persoon die ik ooit in het verpleeghuis heb gezien. Mijn collega herkende er maximaal drie. Men gaf aan nog geen tijd te hebben gehad om langs te komen. Tsja, als je in een jaar tijd nog geen tijd kan vinden om een uurtje langs te komen…… misschien is er dan wat mis met je agenda of leg je de prioriteiten niet helemaal goed.

Ons beeld werd weer eens bevestigd dat het in deze maatschappij lastig is om naar ouderen te blijven omkijken als ze niet je ouders of opa en oma zijn. In het verpleeghuis zien we vaak dezelfde mensen die op bezoek komen. Vaak zijn het de kinderen en soms nog een echtgenote of echtgenoot. Natuurlijk laten kleinkinderen zich ook zien maar dat is toch eigenlijk al een stuk minder. Overige familieleden of buren…. misschien een hele enkele keer. De ene cliënt krijg elke dag bezoek, de andere eens per week. Helaas zijn er ook cliënten die zelden of zelfs nooit meer bezoek krijgen.

Lees ook:  Welbevinden, zelfredzaamheid en eigenwaarde
Eenzaamheid

Niet elke kwetsbare oudere in verzorging- en verpleeghuizen zijn ooit getrouwd of hebben kinderen. Niet iedereen heeft het geluk te kunnen terugvallen op een groot sociaal netwerk van familie, vrienden of buren. Op het moment dat de partner is overleden, kinderen er niet zijn of echt ver weg wonen, dan ligt eenzaamheid op de loer. Maar ook een sociaal netwerk wordt kleiner en kleiner naarmate jezelf ouder wordt en mensen om je heen overlijden. Veel mensen gaan eenzaam dood, in de afgelopen twee jaar zelfs nog meer dan anders…..

Eenzaamheid doet enorm veel pijn. Ik zie het elke werkdag en het is echt schrijnend. Een gesprekje, een arm om de schouder. Het kan zoveel extra kracht geven, zoveel steun, zoveel warmte. Het bepaalt de zin van het leven uiteindelijk……

Misschien moeten de ouderen in Nederland wat meer gaan zingen ‘Heb je even voor mij?’. Je weet in deze maatschappij toch niet meer wat helpt en wat niet.

Rust zacht tante Ciska. Ik ben dankbaar dat ik u mocht kennen en mocht verzorgen.

Deel dit bericht eens via:
error: Content is protected !!